Wat vliegt daar? Vogels in Tusschenwater

Zaterdag 04 Juni 2022
  • De kluut heeft een bijzondere snavel. (Rechten: Saxifraga / Willem van Kruijsbergen)

Natuurgebied Tusschenwater is een walhalla voor vogels. Als moerasgebied met ondiepe wateren biedt het een uitkomst voor vogels op zoek naar eten.

Dat maakt het dus ook de ultieme plek om vogels te spotten. Er zijn veel verschillende vogels te zien, merken ook Bertil Zoer en Loes van der Laan. Zij maken in deze uitzending van ROEG! een mooie vogelwandeling. Een selectie van de vogels van Tusschenwater:

Kluut

De kluut, een zwart-wit gekleurd vogeltje met een lange snavel die omhoog kromt. Ook heeft hij hoge poten die 'verkeerd om' lijken te knikken. Met zijn lange poten kan hij goed door het ondiepe water lopen, terwijl de bijzondere vorm van zijn snavel nuttig is voor het vinden van wormen en garnaaltjes door ermee door het slik te zeven. Als hij roept lijkt het wel alsof hij zijn eigen naam zegt: "kluut-kluut!"

De kluut broedt tussen half april en eind juni. Over het algemeen trekken de kluten die in Nederland broeden in het winter naar warmere oorden, richting Zuidwest-Europa en Noordwest-Afrika. Toch overwinteren kluten ook steeds vaker in Nederland. Ook een leuk weetje over de kluut: als ze kuikens hebben, doen ze net alsof ze gewond zijn wanneer er een predator in de buurt is. Ze laten dan een vleugel hangen en hopen hiermee de aandacht van hun jongen af te leiden.

Afbeelding
De steltkluut eet graag slakjes. (Rechten: Saxifraga / Luc Hoogenstein)

Steltkluut

De steltkluut lijkt op de gewone kluut, maar is een heel stuk zeldzamer. Ook hij heeft een zwart-wit verenkleed, maar zijn zwarte veren zitten meer geconcentreerd bijeen bij zijn vleugels. Hij staat nog iets hoger op zijn poten dan de gewone kluut, en dan zijn die poten ook nog opvallend rood. Zijn snavel is niet gekromd, maar lang, dun, en recht. Daarmee eet hij het liefst kleine ongewervelde waterdieren, zoals slakken, waterkevers en kleine visjes.

Rond maart/april is de steltkluut in Nederland te vinden. Vanaf eind mei beginnen ze met broeden, en de eieren komen na zo'n 25 dagen uit. De kuikens kunnen zo goed als direct lopen en voor zichzelf zorgen, maar het duurt nog wel een klein maandje voordat ze ook kunnen vliegen. Juli/augustus trekt de vogel weer door naar zonniger gebied in noordelijk Afrika en Zuid-Europa.

Afbeelding
Visdieven presenteren visjes aan elkaar om indruk te maken. (Rechten: Saxifraga / Jan van der Straaten)

Visdief

Zoals de steltkluut, is ook de visdief een zeldzaam vogeltje. Ze broeden het liefst op eilandjes waar grondpredatoren niet goed kunnen komen. Vandaar hun aanwezigheid in Tusschenwater. De rug en vleugels van het visdiefje zijn zilvergrijs, waar zijn onderlijf lichtgrijs is en zijn kop zwart. De snavel is oranje-rood met meestal een zwart puntje aan het eind. Al duikend pikken ze rondvis uit het water. Mocht deze voorkeursmaaltijd niet voorhanden zijn, dan eet de visdief ook wel garnaaltjes en kikkervisjes.

De visdief broedt tussen mei en begin juni. Het duurt zo'n drie weken voor de eieren uitkomen. Om indruk op elkaar te maken, presenteren de vogels visjes aan elkaar als ze op zoek zijn naar een partner. Vanaf begin juli beginnen de vogels hun weg naar het zuiden alweer te maken, en begin oktober vertrekken de laatsten van deze soort. De visdieven die in Nederland broeden overwinteren langs de West-Afrikaanse kust.

Afbeelding
De krooneend komt oorspronkelijk uit Aziƫ. (Rechten: Saxifraga / Bart Vastenhouw)

Krooneend

De krooneend komt oorspronkelijk uit Aziƫ, maar is sinds 1942 ook in Nederland te vinden, in Tusschenwater wordt ie af en toe gesignaleerd. Bertil Zoer heeft er dit jaar nog geen een gezien, maar in de jaren ervoor wel. Het mannetje springt erg in het oog met zijn bruin-oranje kop, felrode snavel, en zwarte borstveren. Het vrouwtje is iets minder herkenbaar: haar verenkleed bestaat uit verschillende tinten bruin. Wel heeft ze op de punt van haar snavel een roze vlek. Anders dan de andere vogels in dit lijstje, maakt de krooneend niet veel geluid. Qua voedsel leven ze vooral op waterplanten.

Tussen midden april en midden juni leggen deze eenden hun eieren. Het broeden zelf duurt een klein maandje. Soms leggen vrouwtjes hun eieren in de nesten van soortgenoten. Rond oktober/ november trekt de krooneend weg richting Zuidwest- en Midden-Europa.

Contact
opnemen