Vrijwilligers gezocht voor het Pingo Programma

  • In Drenthe liggen zo'n 2500 mogelijke pingoruïnes (Rechten: RTV Drenthe/Annelies Hemeltjen)

In Drenthe liggen zo'n vijfentwintighonderd mogelijke pingoruïnes, meer dan in ieder ander deel van ons land. Daarmee is onze provincie een 'pingo paradise'. Pingo's en pingoruïnes zijn tijdens de laatste ijstijd, het Weichselien, ontstaan en zijn overal in het landschap terug te vinden.

Vijf jaar geleden is Landschapsbeheer Drenthe met het Pingo Programma begonnen. Sindsdien is van zo'n driehonderd locaties uitgezocht wat er te zien valt en zijn er meer dan honderd pingoruïnes vastgesteld. Voor onderzoek op nieuwe locaties zoekt Landschapsbeheer Drenthe enthousiaste vrijwilligers.

Pingo's

Een pingoruïne is het overblijfsel van een pingo. Pingo's ontstonden in de laatste periode van de laatste ijstijd tot zo'n 10.000 jaar geleden. Het was een ijsheuvel die langzaamaan steeds groter werd omdat er steeds meer grondwater net onder de oppervlakte bevroor. Nadat het ijs zo dik was geworden dat de bovengrond openbrak, ontstond de pingoruïne. Door het zonlicht smolt het ijs. De ruimte die eerder door het ijs werd ingenomen, stortte in en er ontstond een kuil met water. Hierin hebben zich door de jaren heen dikke veenpakketten gevormd.

Herkenbaar

Pingoruïnes zijn vaak rond met een verhoging rondom. Op die manier zijn ze in het landschap of op kaarten te herkennen. Onderzoek is nodig om met zekerheid vast te stellen dat het inderdaad om het overblijfsel uit de ijstijd gaat. Het kan namelijk ook een uitblazingskom zijn, die een stuk ondieper is en geen veen bevat. Met behulp van boringen wordt de bodem onderzocht.

Nieuwe locaties

Het onderzoek gaat in het najaar van start in twee verschillende streken, in het gebied tussen Hoogeveen en Hollandscheveld en in het gebied westelijk en noordelijk van Koekange. "In geen van beide gebieden zijn tot nu toe pingoruïnes vastgesteld", vertelt Anja Verbers van Landschapsbeheer Drenthe. "Terwijl er vooral in de buurt van Koekange veel open watertjes zijn. We hebben gehoord dat sommigen wel tien meter diep zijn."

Ook het gebied tussen Hoogeveen en Hollandscheveld is veelbelovend. Vanaf de zeventiende eeuw werd hier turf gewonnen. "We hebben verhalen gehoord over schippers die daar vroeger het veen afvoerden via de wijken en op bepaalde plekken met hun boom de grond niet konden raken."

Keileem

Het onderzoek heeft zich tot nu toe geconcentreerd op keileemgebieden in Drenthe. "Het gebied rondom Koekange is interessant omdat daar juist geen keileem in de bodem zit. Ik ben op zoek naar de relatie met de bodem en wil kijken of de vorm en diepte van de pingoruïnes anders is dan in het keileemgebied", aldus Verbers.

Vrijwilligers

"Het kan handig zijn als je ervaring hebt, maar het is zeker niet noodzakelijk", vertelt Verbers. "We leggen goed uit wat je wel en niet moet doen, je leert het gaandeweg." Geïnteresseerden kunnen contact opnemen met Anja Verbers via a.verbers@lbdrenthe.nl. Op twaalf verschillende locaties gaat het onderzoek van start. Per locatie zoekt Verbers zo'n zes tot acht vrijwilligers. "We hebben geen voorinformatie dus het wordt echt spannend wat we gaan vinden."

Lees ook:

Contact
opnemen