Nationale Bijentelling: een goede voorbereiding is het halve werk

  • De grasbij vliegt van maart tot september (Rechten: Saxifraga/Frits Brink)

De vierde Nationale Bijentelling zit eraan te komen. In het weekend van 17 en 18 april tellen enthousiaste vrijwilligers de wilde bijen in hun tuin of op hun balkon. Elk jaar worden de resultaten opgeslagen zodat wetenschappers kunnen bijhouden welke soorten op welke plekken voorkomen én met welke soorten het goed gaat of juist minder goed.

De jaarlijkse bijentelling levert dus belangrijke informatie op voor het beschermen van de wilde bijen in ons land. Wil je zelf ook een steentje bijdragen? Zet de data vast in je agenda en lees verder. Wij geven je tips voor een goede voorbereiding op het tellen van de bijen in je tuin.

Bijen uitnodigen

Om bijen te kunnen tellen, moeten ze er wel zijn. Je kunt de nuttige insecten op verschillende manieren uitnodigen in je tuin of op je balkon. Zorg voor planten met nectar en stuifmeel. Nectar drinken de bijen zelf voor hun energievoorziening, het stuifmeel is voedsel voor de bijenlarven. Sommige bijen zijn kieskeuriger dan anderen maar met paardenbloemen, duizendblad, vlinderstruiken, krokussen en verschillende kruiden kom je al een heel eind.

AirbnBEE

Met een AirbnBEE of bijenhotel voelen bijen zich extra welkom in jouw tuin. Het hotel moet wel aan een paar eisen voldoen: er moet plek zijn om eitjes te leggen én er moet plek zijn om te eten. De plek om eitjes te leggen, kun je prima zelf maken. Verzamel droge stengels van riet, bamboe of de Japanse duizendknoop. Gebruik stengels van verschillende diktes zodat verschillende soorten bijen naar je hotel komen. Bind de stengels strak bij elkaar met een touw en de AirbnBee is klaar.

Een boomschijf van enkele tientallen centimeters dik werkt ook. Boor gaten met verschillende diameters tussen de drie en acht millimeter. Maak de gaten tussen de zes en vijftien centimeter lang. De boorgangen moeten mooi glad zijn zodat de bijen er doorheen kunnen zonder zich te bezeren. Hang het hotel op een zonnige en droge plek, in de buurt van planten met veel bloemen waar de gasten hun eten kunnen halen.

Afbeelding
Met een AirbnBEE nodig je bijen uit in je tuin (Rechten: Agnes Bakker)

Bijenbar

Gezien de lage temperaturen is deze tip nog wat aan de vroege kant, maar denk er nog eens aan komende zomer. Als het kwik stijgt en ook de bijen verkoeling zoeken, kun je ze een handje helpen met een bijenbar. Spijker een paar doppen aan een plank of een stok en vul ze met water. De bijen zullen je dankbaar zijn.

Herkennen

Nu de bijen je tuin weten te vinden, is de volgende stap het herkennen van de verschillende bezoekers. In ons land leven ruim 350 soorten wilde bijen. Sommige komen meer voor dan anderen dus je hoeft niet alle soorten uit je hoofd te leren. Met behulp van een zoekkaart zie je al snel welke bij je voor je hebt. Op de website van de Nationale Bijentelling vind je een handig gidsje.

Vorig jaar waren de meeste geziene bijen de honingbij, de rosse metselbij, de sachembij, de bijvlieg en de gehoonde metselbij. Toch gaat het niet goed met de wilde bij, meer dan de helft van de soorten is bedreigd. De grote wespbij, de gestreepte bloedbij, de zadelgroefbij, de boszandbij en de heidekegelbij zal je daarom niet snel zien.

Meer weten?

Over wilde bijen valt nog veel meer te vertellen. Donderdag 8 april geeft gids bij Het Drentse Landschap Diliana Welink de lezing 'Wilde bijen in verdrukking. Hoe kun je ze helpen?'. Daarin vertelt ze dat het zaaien van bloemen of het plaatsen van een insectenhotel belangrijk is, maar niet altijd even effectief. Meer kennis van de manier waarop wilde bijen leven maakt het mogelijk om ze nog beter te helpen. Vooraf aanmelden voor de lezing is nodig.

Meedoen?

Heb je zin gekregen om mee te doen met de bijentelling? Het is niet ingewikkeld om bijen te tellen. Op de website van de Nationale Bijentelling vind je genoeg informatie om alvast te oefenen en daar kun je straks je waarnemingen doorgeven. Meer informatie over de wilde bij vind je op de website van Nederland Zoemt.

Lees ook:

Contact
opnemen