Deze reusachtige uil zit nu in Drenthe

  • De oehoe heeft een spanwijdte van anderhalf tot twee meter (Foto: Saxifraga-Willem van Kruijsbergen)

De oehoe is bezig aan een opmars. Lang was de reusachtige vogel op veel plaatsen verdwenen, maar sinds 1997 komen er broedparen voor in Limburg, Noord-Brabant, Gelderland, Overijssel en nu dus ook Drenthe.


“De oehoe is de grootste uil van Europa”, vertelt oehoe-expert Hans Hasper. “Het zijn kneiters van beesten.” Vrouwtjes zijn gemiddeld zevenenzestig centimeter groot. Mannetjes zijn iets kleiner, namelijk eenenzestig centimeter. De oehoe heeft een spanwijdte van anderhalf tot twee meter en weegt drie tot vier kilo. De soort heeft grote oranje ogen en acht centimeter lange oorpluimen.

Lees ook: Bijzonder: eerste broedende Drentse oehoe
 
Leefgebied
De oehoe kan in zeer uiteenlopende gebieden leven. Belangrijkste is dat er zowel in de zomer als in de winter voldoende voedsel aanwezig is. Daarnaast moet er water aanwezig zijn, zodat de oehoe kan drinken en badderen.
 
Het menu van de vogel is gevarieerd. Dat is ook de reden dat hij het op verschillende plekken goed kan leven. “Hij eet onder andere bruine ratten, houtduiven, eenden, bosuilen, maar ook jonge vosjes vallen ten prooi aan de oehoe”, vertelt Hasper.
 
Nesten en jongen
In het Drents-Friese Wold zijn de oehoes gaan broeden in een oud roofvogelnest. “Deze uilen bouwen zelf geen nesten, maar maken gebruik van oude buizerd- of haviknesten”, legt Hasper uit. “Maar oehoes kunnen ook op de grond broeden of op de rand van een groeve.”
 
Overdag is de oehoe volgens Hasper een saai dier. "Hij rust vooral in de boom en doet niks”, vertelt Hasper. “Zodra de schemering valt gaan ze op jacht.”
 
In de herfst gaan oehoes al op zoek naar een partner. In maart legt de vogel meestal eieren, maar dit kan soms ook al in februari gebeuren. De meeste legsels bestaan uit twee tot drie eieren. De broedtijd duurt ongeveer vierendertig dagen. Na tien weken kunnen de jongen vliegen en na drie tot vijf maanden kunnen ze jagen.
 
Begin van Drentse populatie?
Volwassen oehoes blijven vaak hun hele leven in hetzelfde gebied. De jongen vliegen uit zodra ze zelf voor hun voedsel kunnen zorgen. Meestal blijven de jongen dicht in de buurt van het ouderlijk nest, zo’n veertig kilometer ervandaan. “De kans is dus groot dat dit het begin is van een populatie in het noorden”, vertelt Hasper. “Daarnaast is er ook nog steeds aanwas vanuit Duitsland, want daar knalt de populatie uit elkaar.”

Contact
opnemen